De fietsclub als ontmoetingsplek 

Ze woonden in Parijs, Hongkong en Kaapstad. Toen Alida (56) en Koos (62) Blijdorp na 27 jaar buitenland weer teruggingen naar Nederland, kozen ze in 2020 voor Noordwijk. Door de coronacrisis is het ‘inburgeren met een handicap’, maar dankzij de toerfietsclub TFC Noordwijk kunnen ze gelukkig ook nieuwe contacten leggen.

“Dankzij het fietsen hebben we als nieuwkomers in Noordwijk andere mensen leren kennen.”
Eigen karakter

Alida: “De keuze voor Noordwijk was niet zo moeilijk. Elk jaar kwamen we voor een paar weken naar Nederland. Altijd naar Noordwijk. Koos’ familie woont op de Zuid-Hollandse eilanden, mijn familie in Friesland en Noordwijk ligt er mooi tussenin. Het strand heeft ons altijd getrokken. Bovendien is de omgeving prachtig en zijn steden als Haarlem en Leiden dichtbij, net als het vliegveld. Ideaal. Noordwijk heeft niet het massale van Scheveningen of het drukke van Zandvoort. Het heeft een eigen karakter wat ons aanspreekt”.

Lid van de fietsclub

Koos: “Maar ja, toen kwam de coronacrisis. Afstand houden was het devies, niet handig als je wilt inburgeren in een nieuwe omgeving en mensen wilt leren kennen. We hebben daardoor nog niet veel contacten kunnen leggen, het is een beetje inburgeren met een handicap. Maar via een buurman werd ik geïntroduceerd bij de tourfietsclub TFC Noordwijk. We zijn allebei fervente sportfietsers, in de schuur staan twee racefietsen en twee toerfietsen. Nu zijn we allebei lid: Alida van de vrouwenclub en ik zit bij de mannenclub”.

Samen op de fiets

Koos: “Ik kwam in een bestaande groep met mannen die elkaar al heel lang kennen. Maar ik werd met open armen ontvangen. De vrouwenclub was net nieuw en niet iedereen kende elkaar. Dat maakte het kennismaken voor Alida wel iets gemakkelijker. Dankzij het fietsen hebben we gelukkig toch wat andere mensen leren kennen. Als we niet in groepsverband kunnen fietsen, pakken we samen de fiets”.

Goede kennismaking

Alida: “We hebben de afgelopen tijd heel veel van Nederland gezien en Noordwijk en omgeving goed op de fiets kunnen verkennen, een betere kennismaking kunnen we ons niet wensen”.